Vanaf 1 januari 2024 rapporteren over CO2-uitstoot van reizen door werknemers

Per 1 januari 2024 gaan er regels gelden om de CO2-uitstoot van reizen door werknemers terug te dringen. De regels zullen opgenomen worden in het Besluit activiteiten leefomgeving (‘Bal’), met de Omgevingswet als grondslag. De regels worden stapsgewijs ingevoerd en aangescherpt. Achtergrond van dit alles is de afspraak in het Klimaatakkoord dat de uitstoot van werkgebonden personenmobiliteit moet worden teruggebracht, dit met als einddoel dat deze uitstoot in 2050 is teruggebracht tot 0. De regels die hiervoor in het Bal zullen worden opgenomen, komen voort uit het Besluit tot wijziging van het Besluit activiteiten leefomgeving en het Omgevingsbesluit in verband met het beperken van emissies van kooldioxide door werkgebonden personenmobiliteit.

 

Van de redactie Vexpansie  | Maaike de Wit, advocaat partner Straatman Koster Advocaten

 

 

Normering in stappen

Om dit doel in 2050 te bereiken wordt de komende jaren stapsgewijs toegewerkt naar een reductie van de uitstoot. Eén van die stappen is dat er 1 januari a.s. een maximum voor wat betreft de CO2-uitstoot van werkgebonden mobiliteit geldt, dit voor alle bedrijven gezamenlijk. Een collectief plafond dus. De komende jaren wordt bijgehouden of dit plafond wordt behaald. Als dat niet het geval blijkt te zijn, dan gaat er een maximumuitstoot per werkgebonden kilometer gelden (namelijk: 96 gram in kalenderjaargemiddelde per zakelijke reizigerskilometer, zie art. 18.2, lid 2 Besluit activiteiten leefomgeving, ‘Bal’).

Vervolgens gaan er vanaf 2030 emissiegrenswaardes gelden, dit zowel voor de zakelijk gereden kilometers als voor woon-werkverkeer. Het idee is dat iedere 4 jaar deze grenswaardes verder naar beneden worden teruggebracht, dit om uiteindelijk te eindigen op 0 in 2050.

 

Administreren en rapporteren

Om te kunnen beoordelen of aan de gestelde eisen wordt voldaan, moeten bedrijven met meer dan 100 werknemer vanaf 1 januari a.s. een kilometerregistratie bij gaan houden van hun werknemers. Dit geldt zowel voor het woon-werkverkeer als voor de zakelijke kilometers. Daarbij moeten niet alleen de ‘auto-kilometers’ worden bijgehouden, maar ook de ‘schone’ transportmiddelen zoals trein, fiets en lopen moeten worden gerapporteerd. Ook het type auto/brandstof moet daarbij worden geregistreerd. Vliegreizen blijven daarentegen wel buiten de registratie.

Medio 2025 moet ieder bedrijf (met meer dan 100 werknemers) de desbetreffende kilometeradministratie rapporteren bij RVO. Over de wijze waarop dat moet gebeuren, heeft RVO een handreiking opgesteld (Gegevensverzameling werkgebonden personenmobiliteit (rvo.nl). Werkgevers die niet, niet goed of niet tijdig rapporteren, kunnen met handhaving worden geconfronteerd.

 

Voorbeeld

In de Nota van Toelichting bij het Besluit staat het volgende voorbeeld:

Een onderneming valt met ingang van 2024 onder de regels. In dat jaar worden 25.000 reizigerskilometers afgelegd in het kader van zakelijke mobiliteit. Dit aantal is de som van alle door de werknemers gereisde kilometers met door de onderneming beschikbaar gestelde lease- of bedrijfsauto’s of business-kaarten en de door werknemers gedeclareerde kilometers die te voet of met eigen vervoer (auto, OV en fiets) zijn afgelegd tegen kilometervergoeding. De elektronische voorziening die voor het rapporteren van de gegevens moet worden gebruikt, berekent voor elke reismodaliteit en per gebruikte brandstof of andere voeding van de motor van het voertuig, de CO2- emissie per reizigerskilometer. De door de voorziening berekende CO2-emissie van de onderneming is over 2024 2.875.000 gram. Per reizigerskilometer komt de CO2-emissie daarmee uit op 115 gram. Om in 2030 aan de emissiegrenswaarde van 96 gram in kalenderjaargemiddelde per reizigerskilometer te kunnen voldoen, moet de onderneming de totale CO2-emissie terugbrengen tot 2.400.000 gram. Dit betekent dus een vermindering van 475.000 gram (2.400.000/25.000 = 96 gram in kalenderjaargemiddelde per reizigerskilometer). De onderneming kan in de periode tot en met 2030 zelf bepalen welke maatregelen worden getroffen om aan de emissiegrenswaarde te voldoen. Maatregelen waaraan kan worden gedacht zijn:

  • minder reizen door meer online vergaderen en thuiswerken;
  • anders reizen door meer gebruik te maken van de fiets en openbaar vervoer;
  • schoner reizen door elektrificatie van het wagenpark en het bieden van een hogere kilometervergoeding bij gebruik van auto’s met een lage CO2-emissie.

Optie 1 leidt tot minder reizigerskilometers en dus een vermindering van de totale CO2-emissie, zonder dat de emissie per vervoermiddel omlaaggaat. Er hoeft bij deze optie niets te veranderen aan het wagenpark of de leasevloot. Bij de opties 2 en 3 wordt de emissie per kilometer wel omlaag gebracht terwijl het aantal reizigerskilometers gelijk blijft. Deze opties zullen vooral in beeld komen als een vermindering van het aantal reizigerskilometers niet haalbaar is, zoals in de thuiszorg. Er zijn ook combinaties mogelijk, zoals minder, andere en schonere reizen.

 

Les voor de praktijk

Bedrijven met meer dan 100 werknemers zullen dus over een paar weken een kilometeradministratie moeten gaan bijhouden en moeten gaan toewerken naar een emissie van 0 in 2050. Dit zal ongetwijfeld gevolgen hebben voor de bedrijfsvoering van vele bedrijven, waaronder voor wat betreft het wagenpark.

 

Meer informatie

> Besluit activiteiten leefomgeving

> Handreiking RVO

 

Tags

CO2-uitstoot Besluit activiteiten leefomgeving werkgebonden mobiliteit omgevingswet emissiegrenswaardes juridisch Vexpansie

Bekijk meer artikelen

Het belang van een goede definitie voor deelmobiliteit voor gemeenten

Dit artikel richt zich op betekenis van een geschikte definitie voor deelmobiliteit voor deelmobiliteitsbeleid van decentrale overheden.

Lees meer

Definitie deelmobiliteit, een uitdaging voor beleidsmakers

Op dit moment bestaat er zowel in de maatschappij alsook in de wetenschap nog geen overeenstemming over een definitie van deelmobiliteit.

Lees meer

Markante personen uit de parkeerwereld: Fenny Waalkens

Parkeren wordt vaak als ‘negatief’ gezien: te weinig, te duur, niet goed geregeld … Ik wil juist het tegenovergestelde laten zien, dat parkeren iets toevoegt aan de klantbeleving.

Lees meer

SPARK: een nieuw landelijk personenautoparkmodel van PBL en RWS

RWS en het PBL hebben een nieuw landelijk personenautoparkmodel ontwikkeld: SPARK. Met dit model kan de toekomstige omvang en samenstelling van het personenautopark in Nederland worden geraamd.

Lees meer

Raadgevend referendum: veel Amersfoorters tegen nieuw parkeerbeleid

Het zou helemaal misgaan met de retail. En na zou het al helemaal nooit meer goed komen. Maar klopt dat wel? Hoe krijg je met 'makkelijk en gratis parkeren' de binnenstad weer aan de praat.

Lees meer

Mobiliteitsbeeld 2023

Inwoners van Nederland legden in 2022 meer afstand in Nederland af dan in 2021, maar minder dan voor de coronapandemie (2019). Dit blijkt uit het Mobiliteitsbeeld 2023 van KiM.

Lees meer
1 2 3 4 5 33